Wat nou, inheemse bomen en struiken?!

22 juni 2006

Deze week gebeurde het weer: weer werd een lans gebroken voor het toepassen van inheemse bomen en struiken. Deze keer in Bomennieuws van de Bomenstichting. En vandaag ook weer eens in vakblad Tuin & Landschap.
Echt inheems: afkomstig van planten die hier ‘aantoonbaar’ van na de IJstijd groeien en niet zijn gekruist met individuen van elders; autochtoon. Daar wordt ik sowieso een beetje naar van, maar de argumentatie om juist deze bomen en struiken toe te passen is eveneens tenenkrommend. Althans, dat vind ik, als plantkundig-atheïst.
Atheïst? Bert Maes, want over deze meneer gaat het vaak, is de voorganger van een wat fundamentalistische stroming, die in de Stichting Bronnen duidelijk wordt. Gek genoeg kom ik Bert nauwelijks tegen op internet: alleen zijn boek Inheemse bomen en struiken in Nederland en Vlaanderen staat op diverse plekken aangekondigd. En dat is dan ook de aanleiding voor de recente plaatsingen.

Nuttig, maar…
Eerst maar de nuance: het is best nuttig om als genenbank de echt inheemse boomsoorten te behouden. Je weet maar nooit. In natuurgebied Roggebotzand in Flevoland is zo’n genenbank.
Maar veel verder dan deze genenbank en het behoud van de bestaande groeiplaatsen hoeft het wat mij betreft niet te gaan.
*Met het veranderende klimaat zijn wellicht juist geimporteerde soortgenoten beter bestand tegen de omstandigheden hier.
*Ecologisch denk ik (ik heb er niet voor doorgeleerd) dat insecten geen onderscheid zullen maken tussen een zuidelijke Cornus sanguinea en een C. sanguinea uit ons landje.
*Doordat de eeuwenlange import van plantmateriaal is het maar de vraag hoe zuiver ook natuurlijk in stand gehouden opstanden nog zijn. Zijn er niet talloze kruisingen opgetreden? Overigens is een kruisingsproduct vaak beter. Kruisingen zorgen ervoor dat planten zich aanpassen aan de geldende omstandigheden. Een natuurlijk proces!
Met de generatief vermeerderde planten uit de genenbank is van diversiteit geen sprake meer. De zaden lijken me er waardeloos: als al die planten lekker met elkaar kruisen, is van de oorspronkelijk autochtoon (want regionaal) materiaal ook al geen sprake meer. Toch?
Zelfs in Tuin & Landschap kom ik als reden voor het behoud van autochtoon materiaal niet veel meer tegen dan statistiek (slechts 5% van de bomen en struiken is autochtoon). Verder schijnen meidoorns bijvoorbeeld minder last te hebben van meeldauw. (Is dat een probleem in de natuurlijke beplantingen?)

Genetische diversiteit is toch goed
Wat me overigens altijd heeft verbaasd is dat otters, bevers, beren en andere beesten die in natuurterreinen worden uitgezet blijkbaar niet autochtoon hoeven te zijn. Sterker nog: vaak worden beesten afkomstig uit verschillende gebieden uitgezet. Goed voor de genetische diversiteit… Meten natuurbeschermers met twee maten?

Hou de discussie zuiver!
Terug naar de planten: de discussie over inheemse bomen en struiken is een gevaarlijke. Hij wordt snel verward met de discussie over het gebruik van uitheemse bomen en struiken. Ook in het al genoemde Bomennieuws worden de discussies verward. (door Frank Moens op pagina 11, zomer 2006). Hier geldt: voer de discussie over het buitengebied en eentje over het stedelijke milieu.
Mijn stelling is dat uitheemse bomen en struiken zeker in het stedelijk milieu onmisbaar zijn. Ze groeien vaak beter omdat ze meer bestand zijn tegen de droge, winderige omstandigheden in stad en dorp. Ze hebben minder natuurlijke vijanden. Wat wel prettig is in de beperkte groeiomstandigheden: zouden er nog meer aanslagen op de gezondheid zijn, dan was de groei in de stad helemaal beperkt. En daarnaast bieden uitheemse soorten bewoners vaak gewoon meer bloei en herfstkleur. En in een klantgerichte maatschappij is ook dat een niet te onderschatten facet. Bovendien is er gewoon meer te kiezen: door de ijstijd zijn we hier erg veel sortiment, dat daarvoor wel voorkwam hier, kwijtgeraakt. Overigens zijn er natuurlijk uitzonderingen. Denk aan eik en beuk, die ook in het de stad volop toegepast moeten worden.
Maar in buitengebieden zou ik uitheems sortiment niet volop aanplanten. Maar hier en daar kan het best! Uitheemse bomen die er al staan en zich netjes gedragen - niet teveel uitzaaien - zou ik ook in natuurgebieden rustig laten staan.